Je hebt geen Flash plugin, ga snel naar www.flash.com!

In de eerste les leer je natuurlijk het allerbelangrijkste: het maken van objecten. Zodra je Flash 5 voor de eerste keer opstart staat je beeldscherm helemaal vol met allemaal menuutjes. Deze kun je allemaal wegklikken, want die heb je nu nog helemaal niet nodig, ze verpesten alleen het zicht.

De eerste 14 tools

De andere 5

Als ik het over objecten heb, dan heb ik het over het over datgene wat je maakt in Flash. Dus maak je bijvoorbeeld een vierkant in Flash, dan is dat vierkant een object.

Hiernaast zie je de toolbar van Flash 5. Ik heb de belangrijkste tools een nummer gegeven, zodat ik ze makkelijker kan uitleggen.

  1. Arrow tool, je kunt er objecten mee selecteren en slepen, verder niets bijzonders.

  2. Line tool, gewoon lijntjes trekken.

  3. Pen tool, hiermee kun je ook lijntjes trekken, alleen op een iets ingewikkelder manier. Ik heb 'm nog nooit gebruikt.

  4. Oval tool, cirkels en ovalen maak je hiermee.

  5. Pencil tool, net zoals bij Paint teken je hiermee objecten uit de losse pols. Ik gebruik 'm zelden, maar dat komt ook omdat ik geen fijne muis heb.

  6. Ink bottle tool, hiermee geef je lijnen een andere kleur. Ook deze gebruik ik vrij weinig, maar hij is wel handig als je héle dunne lijntjes hebt, je hoeft namelijk niet per see de lijn zelf aan te klikken.

  7. Eyedropper tool, deze ken je ook wel van Paint. Heb je een leuk kleurtje gevonden en er een object mee ingekleurd...ben je vergeten hoe je ook weer aan de kleur kwam. Geen probleem, daar heb je de eyedropper voor. Klik op de kleur die je wilt met de eyedropper en je kunt kleuren.

  8. Subselection tool, ik heb 'm nog nooit gebruikt, maar je kunt er lijnen mee veranderen. Ik heb eigenlijk geen idee, als je het wilt weten stel ik voor dat je zelf een beetje gaat experimenteren. Deze tool is in ieder geval niet van essentieel belang.

  9. Lasso tool, ken je ook wel van Paint. Je kunt er aparte onderdelen van objecten mee selecteren. Met de Arrow tool kon je alleen maar rechthoekige selecties trekken, hiermee elke gewenste vorm. Is soms nog wel eens handig.

  10. Text tool, raad eens.

  11. Rectangle tool, voor mensen die geen Engels kunnen: rectangle = rechthoek.

  12. Brush tool, ken je ook van Paint. Beetje hetzelfde als de Pencil tool, maar dan kun je er dikkere lijnen mee maken, en je kunt er makkelijk objecten mee inkleuren als dat niet kan met de volgende tool:

  13. Paint Bucket tool, ken je ook van Paint.

  14. Eraser tool, vast wel eens bij Paint gezien, je weet wel, dat gummetje waarmee je objecten deels kan wegvegen. Gebruik ik heel soms.

  15. Hand tool, dit handje kom je ook wel eens tegen bij andere programma's (zoals ACDC). Je kunt het beeld ermee verschuiven, door dit 'vast te pakken'. Ik gebruik 'm nooit, gewoon met de schuifbalken of de pijltjestoetsen.

  16. Lijn kleur, spreekt voor zich. Klik erop om de kleur te veranderen.

  17. Vul kleur, zie 16.

  18. Magneet tool, Flash noemt deze tool de 'snap to object tool'. Met deze tool kun je objecten precies parallel of haaks van elkaar plaatsen. Het is een beetje moeilijk uit te leggen, maar als je het probeert snap je wat ik bedoel. Standaard staat hij aan, maar soms is het heel vervelend als hij aan staat.

    Als je de Magneet tool uit/aan wilt zetten moet je eerst de Arrow tool selecteren, niet dat je b.v.s. uren bezig bent met zoeken om dat kl*teding uit te zetten, zoals ik.
     

  19. Magnifier tool, inzoomen en uitzoomen. Is best handig, net zoals het dropdown-menuutje (in dit geval is het een dropup-menuutje, maar dat geeft niet) linksonder in beeld waar je vooraf ingestelde zoomwaarden kan kiezen.

Dit waren de belangrijkste tools van de toolbar. Als je een tool aanklikt, krijg je meestal onderaan de balk (onder 'Options') nog extra opties om het tekenen te vereenvoudigen. Omdat je deze opties veel sneller onder de knie krijgt door ze zelf uit te proberen, schenk ik hier verder geen aandacht meer aan. Zijn er alsnog dingen die je niet weet, dan kun je altijd kijken bij de help van Flash (druk op F1). Snap je het dan nog niet (kan best, met de Engelse versie zijn sommige dingen heel vaag uitgelegd) dan kun je me altijd mailen. De kans is groot dat ik het ook niet weet, maar ik kan je vraag natuurlijk altijd posten op de site.

De toolbar heeft een heleboel (na mijn mening) onnodige tools. Voor de mensen met weinig tijd heb ik hieronder even op een rijtje gezet met welke tools je zeker even moet oefenen:
De Line tool, Oval tool, Lasso tool, Text tool, Rectangle tool, Paint bucket tool, Magneet tool.

Weet je nog die subschermpjes die je kreeg toen je Flash voor het eerst startte? De belangrijkste hebben ze rechtsonder in beeld gepropt. Als je op één van deze symbooltjes klikt krijg je ze in beeld.
7 snelknoppen voor de belangrijkste submenu's, klik erop voor uitleg
Ik heb ze wederom genummerd:

  1. Info scherm, met dit schermpje krijg je de standaardinformatie van het geselecteerde object. Het heeft 4 tabbladen: Info, hier vind je info als de x- en y-coördinaten en de grootte van het object. Transform, in dit tabblad kun je het object van vorm laten veranderen en laten draaien. Stroke, kies een kleur, dikte en soort lijn. Fill, dit is een belangrijk tabblad, dus ik besteed er even apart aandacht aan:
    In het dropdown-menuutje vind je 5 opties: None, Solid, Linear Gradient, Radial Gradient en Bitmap. De eerste spreekt voor zich, de 2e betekend gewoon dat je het vlak dat je wilt kleuren uit 1 kleur bestaat.

    Als je Linear Gradient kiest kun je verschillende kleuren naast elkaar (lineair) in hetzelfde vlak stoppen, zoals dit:
    Linear Gradient
    Je kiest zelf hoeveel en welke kleuren je neemt door de pijltjes in het Fill-menu een kleur te geven. Je voegt een pijltje toe door gewoon onder de balk te klikken in het menu. Je verwijdert een pijltje door deze uit het menu te slepen.
    Fill menu
    Het is verstandig hier even mee te experimenteren.

    Wanneer je Radial Gradient kiest kun je de verschillende kleuren in een de rondte verspreiden (radius). Okee, beetje krom uitgelegd, maar doe jij het maar eens in 1 zin. Hier een voorbeeldje:
    Radial Gradient
    Deze optie is nog een beetje uitgebreider dan de Linear Gradient, want je kunt de vorm van de gradient ook veranderen. Dit doe je door de Fill tool te selecteren en vervolgens onder Options de knop Transform Fill () in te drukken. Zorg ervoor dat je het object dat je wilt kleuren niet geselecteerd hebt. Klik dan op het object en je ziet zoiets als dit (de nummertjes moet je ff wegcijferen):
    Radial Gradient met Transform fill
    1.   Hiermee verplaats je het centrum van de kleurenkring.
    2.   Door deze te verslepen maak je er een ovaal van.
    3.   Hiermee verander je de diameter van de kleurenkring.
    4.   Hier draai de kleurenkring mee rond, ja inderdaad heb je hier vrij weinig aan als je perfecte cirkel hebt.

  2. Mixer scherm, dit is dus zo'n lekker dubbelop schermpje waar je niet veel aan hebt omdat je deze informatie ook op andere plekken in Flash kunt vinden.

  3. Character scherm, deze is wel handig en bestaat uit 3 tabbladen: Character, kies je lettertype en -grootte en andere bekende opties als Super- en Subscript. Paragraph, gebruik ik niet veel, is handig voor dingen als inspringen en centreren. Text options, ik heb eigenlijk geen idee. Dit tabblad heb ik nog nooit nodig gehad, dus als je het wilt weten zul je het zelf uit moeten proberen.

  4. Instance scherm, dit komt later aan de orde vanaf les 3. Maar je kunt er animaties mee maken (o.a. tweening).

  5. Movie Explorer scherm, ook deze heb ik nooit gebruikt, maar het is volgens mij handig als je meerdere scènes hebt. Maar ik heb (nog) geen meerdere scènes gemaakt.

  6. Actions scherm, dit is een snelknop om naar het actionsscherm te gaan. In het actionsscherm werk je voornamelijk met actionscript en dat ben ik net zelf een beetje aan het leren. Je krijgt hiermee te maken in les 4.

  7. Library scherm, ik maak niet veel gebruik van de library. Eigenlijk alleen als ik muziek gebruik in mijn filmpjes. Je krijgt hiermee te maken in les 2.

Ik wil je nogmaals aanraden flink te oefenen met de tools, zodat je goed weet hoe ze werken. Klik hier om weer naar de top van deze pagina te gaan en hier voor de volgende les.